Blogreeks over papier: tekenpapier

Het is voor mij als tekenaar altijd leuk en leerzaam om onderzoek te doen naar tekenmaterialen. Welke materialen zijn er om mee te tekenen, hoe zitten deze materialen in elkaar en wat kan je er wel en niet mee doen. Om zo mijn materiaalkennis steeds verder uit te bouwen. Onlangs heb ik een proefsetje met vijf verschillende soorten papier aangeschaft en in deze blogreeks vertel ik over deze papiersoorten, en probeer ik zelf deze papiersoorten uit. In deze blog: tekenpapier.

Van de vijf kleine uitprobeer-papierblokken van het huismerk van Gerstaecker bestaat de tweede uit tekenpapier. Bij het vorige blok, het schetspapier, merk je echt dat het gemaakt is om snelle schetsen te maken. Iets snel schetsmatig opzetten, het maken van studies. Met kleurpotloden kan je bijvoorbeeld snel aangeven welke kleur een onderdeel van het geschetste onderwerp heeft of moet krijgen. Maar mooi uitwerken op het schetspapier is eigenlijk niet te doen. Daarvoor heeft het papier een te grove structuur. Voor een echt mooie tekening kan je bijvoorbeeld het tekenpapier gebruiken.

Eerst even wat info die ik op de verpakking en online ben tegengekomen over dit merk tekenpapier. Het gewicht betreft 125 gram per vierkante meter. Zoals ik in de vorige blog al vertelde, wordt dit gewicht bepaald door de celstof (bijvoorbeeld pulp of katoen), hulpstoffen, een coating en vocht. Hoe meer er van deze vier per vierkante meter in het papier is verwerkt, des te sterker is het. Schetspapier is met 90 gram een van de lichtste papiersoorten in dit setje en daar kan je alleen met droge tekenmaterialen op werken. Het tekenpapier is qua gewicht zwaarder en dat betekent dat je er ook met natte tekenmaterialen op kan werken.

Met welke tekenmaterialen kan je erop werken

Het eerste tekenmateriaal dat ik heb uitgeprobeerd, daarvan zie je op de bovenstaande afbeelding linksboven het resultaat: grafietpotlood. Eigenlijk zie je hierbij hetzelfde gebeuren als bij het schetspapier, je ziet de structuur van het papier in de tekening. Net als bij het schetspapier is ook het tekenpapier fijngekornd, oftewel enigszins ruw. Hetzelfde effect krijg je ook bij het tekenen met houtskoolpotlood, de tekening linksonder.

Enthousiast ben ik over het effect dat je krijgt als je op dit papier gaat tekenen met kleurpotlood, zie rechtsboven op de afbeelding. Ik heb erop getekend met Polychromos-kleurpotloden (op olie-basis) en Chromaflow-kleurpotloden (op was-basis). Bij beide kan je mooie vlakken maken, met daarin licht het effect van de enigszins ruwe structuur van het papier, en je kan er mooie kleurovergangen op maken.

Verder heb ik rechtsonder een kleine tekening gemaakt met fineliner en brushpennen van Pigma Micron. Ik heb een pakketje met negen verschillende kleuren brushpen van dit merk en naast zwart heb ik twee andere kleuren brushpen gebruikt bij het maken van deze tekening. Net als bij het schetspapier zie je, als je goed kijkt, de structuur van het papier terug in de lijntjes in de tekening, maar niet zo duidelijk als bij de tekeningen die ik gemaakt heb met potlood.

Werken met aquarelpotlood

Ook ben ik enthousiast over het resultaat van het aquarelpotlood. Bij aquarelverf heb je van die blokjes die je met je penseel nat maakt en dan kan je gaan aquarelleren. Het materiaal van dat blokje zit bij aquarelpotloden in de stift van het potlood. Je brengt eerst een laagje pigment aan op het papier en vervolgens voeg je er met een penseel water aan toe en dan krijg je een aquarelleffect. De vraag is vervolgens, hoeveel water kan je gebruiken voordat de vezels van het papier los beginnen te laten, oftewel, hoe sterk is het papier.

Het is indrukwekkend hoeveel water dit papier aankan. In acht stappen voegde ik steeds meer water toe aan het pigment. Eerst een heel dun laagje; bij de achtste stond er langere tijd water op het papier. Ook bij aquarelpapier gaat het papier golven als het nat is geweest, maar het tekenpapier is zo zwaar en sterk dat het helemaal intact is gebleven.

Dit papier is echt veelzijdig wat het aantal tekenmaterialen betreft dat je erop kan gebruiken. Het volgende blok uit dit proefsetje bestaat uit aquarelpapier. Ik ga ervan uit dat je op dat papier nat-op-droog kan werken, maar ik ga ook kijken of ik er nat-op-nat mee kan werken. Nat-op-nat betekent dat het papier een paar minuten wordt ondergedompeld in een bak met water, zodat het zich helemaal vol kan zuigen, en dat je er daarna met aquarelverf eroverheen gaat. Geeft een mooi effect, en ik ben benieuwd of dat ook met het papier van dit merk kan.

Eerder heb ik al een blog geschreven over schetspapier, die kan je hier teruglezen.

Daarnaast ga ik het dus nog hebben over aquarelpapier, maar ook kraftpapier én een blok universeel papier komt nog aan bod in deze reeks blogartikelen.